Wolwinkels

Zo af en toe kom je ze tegen: wolwinkels. Ik bezoek ze graag om rond te snuffelen in het aanwezige garen, de patronen, de boeken. Als ik niet uit kijk en de portemonnee naar zou hebben, dan zou ik zo met heel wat tassen naar buiten gaan. Gevalletje hebben-hebben-hebben. Want het ziet er zo mooi uit. Het voelt zo lekker aan. Oh, wat kan ik er allemaal wel mee maken…. Maar ja, dan denk ik altijd weer aan de dozen met garens, die ik thuis al heb staan. Dan beperk ik het kopen tot wat boeken, tijdschriften of ander handige accessoires voor het breien. 

Daarbij heb ik geen voorkeur voor een bepaalde winkel, op een bepaalde locatie. Ik heb niet één vast adres, waar ik altijd naar toe ga. Als ik in een andere stad ben en ik kom zo’n winkel tegen, dan ga ik daar meestal ook rond snuffelen. Meestal neem ik dan ook daadwerkelijk iets mee, omdat ik weet dat dit soort winkels zeldzaam zijn (helaas). Je komt ze helaas niet tegen op elke hoek van de straat. Ik kan me ook voorstellen dat het meer de liefhebberij is dan dat het een vetpot is om een dergelijke winkel te runnen. Daarom wil ik dan op zijn minst iets doen om dit soort initiatieven te ondersteunen. Al is het door het kopen van een paar naalden. Het lijken me best lastige tijden, om je als fysieke winkel overeind te houden tussen al het geweld van online winkels door. 

En eerlijk gezegd: het blijft gewoon leuker om aan die wolletjes te voelen. Dat gaat zo lastig op dat beeldscherm….

Advertenties

In het openbaar breien

Als het even kan, pak ik de breinaalden erbij en ga ik verder met een project waar ik mee bezig ben. Het maakt me dan niet uit, waar ik op dat moment ben. Oké, een achtbaan wordt me iets te gortig, maar voor de rest… Terrasjes, de trein, in wachtkamers van het ziekenhuis… Ik kan op die manier de tijd leuk doorkomen met mijn hobby. Bovendien zijn mijn projecten dan net wat sneller 😉

Het geeft ook leuke reacties van de omgeving. Een man die aan zijn reisgenoot vertelde in de trein dat hij het vroeger ooit geleerd had en dat het altijd lekker ontspannend werkte. Mensen die het fijn vinden om eens iets anders te zien dan alleen maar mobieltjes in de trein. Mensen die willen weten wat je aan het maken bent en doorvragen wat het patroon is. Ik ben dan nog net niet mijn breiwerk kwijt 🙂

Vooral de gesprekken die er uit voort vloeien zijn erg leuk, met name het enthousiasme om dit te zien. Hoe is dat bij jou? Neem jij je projecten mee van huis? En krijg jij reacties op in het openbaar breien?

Interessante podcasts

Wat zijn podcasts toch fantastisch! Je krijgt in korte periode veel interessante informatie over je heen, terwijl je auto rijdt, de vaat wast.. Kortom die momenten dat je eigenlijk vooral niet de leesgelegenheid hebt en je eigenlijk vooral op je gehoor aangewezen bent om informatie tot je te nemen.

Op het brede gebied van stoffen, textiel, garen en dergelijke springt er voor mij één podcast boven alles uit: Woolful. Ashley Yousling neemt je mee op reis door de wondere wereld van vezels. Ze interviewt mensen, die op de een of andere manier te maken hebben met vezels: ontwerpers, tijdschriftuitgevers, spinners, verzin maar. De mensen komen uit de meest diverse uithoeken van de wereld. Het interview handelt van hun reis in dit wereldje: waar begon het ooit mee, hoe vervolgde zich die reis en hoe kwamen ze op het punt, waar zich dan bevinden? Fantastisch om al die diverse ideeën en toekomstplannen te horen.

Het zet mij in ieder geval aan tot nadenken: wat heb ik tot nu toe bereikt en in welke richting wil ik me verder gaan ontwikkelen? Door al die diverse verhalen vraag ik me af of dat wat die persoon doet, ook iets voor mij kunnen zijn. Zo ja, waarom wel, zo nee, waarom niet?

Wat zijn voor jou inspirerende podcasts? Van wie wacht je toch steeds weer in spanning af, wanneer de volgende aflevering komt?

Van koude schapen en het garen dat voorbij gaat

Sinds ik het breien weer heb opgepakt, kreeg ik een merkwaardig probleem: ik kreeg een soort yarnrush. Al dat garen zag er allemaal zo mooi uit, de kleuren fonkelden me tegemoet, de garens voelden zo lekker zacht, na ja je begrijpt waarschijnlijk wel wat ik bedoel. Kortom, ik heb toen behoorlijk wat ingeslagen, zonder duidelijke plannen te hebben waar ik ze voor ging gebruiken.

Eenmaal begonnen met Ravelry, ging ik braaf alle garens opvoeren als stash oftewel voorraad. Ik hield bij welke projecten ik maakte van welk gaten, hoeveel ik er van gebruikte en ook hoelang ik over die projecten deed. Eenmaal ontdekt hoe ik overzichten in Excel kon maken, ging ik vergelijken hoe snel het opbreien ging. In eerste instantie enthousiast. Altijd leuk, cijfertjes 😉

Totdat….

Ik opeens opmerkte…

Dat het verwerken van de garens absoluut niet op gelijke voet stond met het inkopen…..

En mijn voorraad garens schrikbarend aan het groeien was…

Oeps…

“En wat nu?” Was de vraag. Helaas had (en heb) ik geen kast van een huis om qua opslagruimte op dezelfde voet door te blijven gaan. Dus stoppen voorlopig met kopen. Maar ja, zo eenvoudig als dit stukje theorie geschreven is, zo lastig was de uitvoering.

Dus maar eens kijken bij Ravelry, of ik inderdaad de enige was met dit “euvel”. Nee dus. Erg prettig om in ieder geval de herkenning te hebben.

Om te voorkomen, dat dit de spuigaten uit zou gaan lopen, nam ik rigoureuze maatregelen: geen garen kopen voor de komende tijd. Vergelijkbaar met cold turkey wordt dit op Ravelry coldsheep genoemd. Inmiddels ben ik al ruim een jaar voorbij, zonder nieuw garen te kopen. Naar mijn idee een behoorlijke prestatie, aangezien het zeker verleidelijk is, het wel aan te schaffen: als beloning voor die goede prestatie, als troost voor die rotdag. Maar zoals met alle troostkoopjes gaf het een tijdelijke rush, die snel weer voorbij was. De verleiding kunnen weerstaan is zeker niet makkelijk. Echter, het beeld van die dozen met garens en vooral het besef hoe veel tijd het me zou kosten, heeft me zover gebracht, dat ik dat niet meer wilde. Af en toe blijft het wel lastig, als er een moeilijke dag is. Maar het beeld van de dozen houdt me dan tegen. Voorlopig blijf ik dus nog wel even zitten op dat koude schaap. Ik heb zoveel mooi garen, dat zonde is om niet gebruikt te worden, dat ik voorlopig daar eerst mee aan de slag ga.

Gebreide cadeautjes

Persoonlijk vind ik het altijd makkelijk om alvast wat cadeautjes op voorraad te hebben. Dat scheelt me geld, omdat ik ze vaak in de aanbieding heb aangeschaft. Dat merk je toch wel in bijvoorbeeld de decembermaand. Maar dat is niet de enige reden: het scheelt me vooral tijd. Ik hoef niet op het laatste moment te gaan zoeken met het risico dan maar gewoon iets te kopen, omdat je niet met lege handen wilt aankomen, en het blijkt vervolgens toch net niet helemaal in de smaak te vallen.

Met dat idee in mijn achterhoofd heb ik ook nagedacht over gebreide cadeau’s. Zeker gezien de flinke voorraad garen in mijn huis, kan ik zeker wel voorlopig vooruit. Zo geschreven, zo gedaan.

Zo heb ik al één en ander voor het nieuwe grut-in-spe.

image

image

Ik heb gemerkt, dat de mutsjes, sokjes en dekentjes altijd erg enthousiast ontvangen worden. Dan krijg ik een aantal maanden later opeens een filmpje van de baby, die vredig ligt slapen onder het dekentje. Of als we ons voor een doop in de kerk verzamelen, zie ik de kleine opeens met een mutsje, die het van mij gekregen heeft. De blijdschap van de ouders, dat je de tijd en moeite neemt om zoiets te maken, geeft mij steeds weer plezier het te blijven maken. Ook al heb je eerst uren en uren hebt doorgebracht met flinke stukken tricotsteek te breien op naald 2.5….;-)

Maar ook voor de volwassenen maak ik wel eens gebreide cadeautjes.

image

Meestal gaat het dan om sjaals zoals hier op de foto. Lekker makkelijk en relatief snel te maken.

Ik merk dat het me rust geeft, die spullen alvast klaar te hebben. Dan hoef ik er dus niet op het laatste moment aan te denken. De laatste jaren merk ik dat dit me rust geeft door alvast vooruit te werken. Anders blijft het in mijn hoofd spoken: “ik moet dit en dit en dit en dit nog regelen en o ja dit en…”

Hoe is dat bij jou?

Tentoonstelling Het geheim van de Middeleeuwen

Vorig jaar had het Catharijneconvent in Utrecht een prachtige tentoonstelling over borduurkunst: Het geheim van de Middeleeuwen. Tijdens deze tentoonstelling werden veel liturgische gewaden uit de Middeleeuwen getoond.

Deze gewaden waren vol liefde geborduurd met oog voor detail, waarbij men de kostbaarste materialen gebruikte. Als je de prachtigste details ziet, kan je alleen maar bewondering hebben voor dit handwerk.

image

image

Deze foto’s geven slechts een overzicht weer, maar je kan hier al goed zien hoeveel er op de gewaden geborduurd is.

image

Het oog voor de details en hoe precies men te werk ging, kwam ook goed naar voren op deze tentoonstelling.

image

Men gaf op de te bewerken stof aan, wie of wat er afgebeeld moest worden. Bij heiligen gaf men dat aan door de symbolen, die voor een heilige stonden. Zo wordt in de schilderkunst Johannes de Doper altijd met een Lam Gods en een staf (met een lint met de tekst Ecce Agnus dei) afgebeeld. De heilige Ambrosius wordt gesymboliseerd door een bij, dus dat symbool werd voor hem gebruikt. Zo had elke heilige zijn of haar eigen symboliek. Op deze eenvoudige manier kon men dus aangeven wie er op de stof geborduurd moest worden.

Waarom zijn er echter nog dusdanig veel van die oude gewaden overgebleven, dat er een hele tentoonstelling aan gewijd kon worden? Grotendeels komen deze gewaden uit de eigen collectie van het Catharijneconvent. Dit convent heeft zo’n collectie op kunnen bouwen vanwege de reformatie. Hierdoor bewaarde men de gewaden op goed verborgen plekken tijdens de beeldenstormen om te voorkomen dat de gewaden vernietigd zouden worden. In landen, waar men katholiek bleef, bleven de gewaden in gebruik met alle (gebruiks)slijtage tot gevolg.

Hier als laatste nog een link naar een film over de tentoonstelling: http://vimeo.com/120458349
Daar krijg je nog een andere impressie van de tentoonstelling, die zeker voor herhaling vatbaar is en zeker opnieuw mag plaatsvinden.

Abonnement op tijdschriften

Menig maal heb ik in de tijdschriftenwinkel gestaan en de diverse tijdschriften over breien en/of haken aangeschaft. Vaak dezelfde tijdschriften in de diverse edities, omdat er toch wel erg leuke patronen in staan.

Zo nu en dan heb ik wel overwogen om een abonnement te nemen op een bepaald tijdschrift, maar dat heb ik uiteindelijk nooit gedaan. Gewoon om nog altijd te kunnen kiezen of ik ook daadwerkelijk wel dat tijdschrift wil hebben.

Hoe is dat bij jou? Doe je dat op dezelfde manier? Of heb je toch liever een abonnement? En wat was voor jou de motivatie om dat abonnement wel te nemen?